Kort antwoord: sinds 2026 kunnen medewerkers die hun elektrische auto van de zaak thuis opladen, via ERE-certificaten een extra vergoeding krijgen voor de CO2-besparing die dat oplevert. De Belastingdienst bevestigde op 3 augustus 2026 dat deze ERE-vergoeding geen loon is en dus onbelast blijft. Voor jou als werkgever zit het risico in de optelsom: vergoed je de thuislaadkosten volledig op basis van de werkelijke stroomprijs, terwijl de medewerker daarnaast ook een ERE-vergoeding ontvangt, dan betaal je een deel van die kosten feitelijk dubbel. Met een duidelijke zakelijke laadpas en overzicht per voertuig in je wagenparkbeheer voorkom je die rekenfout.
Wat is de ERE-vergoeding voor thuisladen precies?
ERE staat voor emissiereductie-eenheden. Bedrijven die fossiele brandstof verkopen, zijn wettelijk verplicht om een deel van hun CO2-uitstoot te compenseren. Rijders die hun elektrische auto thuis opladen in plaats van tanken, zorgen voor een meetbare CO2-besparing. Die besparing kan via ERE-certificaten worden verkocht aan diezelfde brandstofbedrijven, wat voor de thuislader een extra vergoeding per geladen kilowattuur oplevert, los van de kWh-prijs van het eigen energiecontract.
De hoogte van de ERE-vergoeding ligt niet vast. Het bedrag beweegt mee met vraag en aanbod op de certificatenmarkt. De Rijksoverheid rekent als indicatie met ongeveer 3.000 kWh thuisladen per jaar tegen zo’n 10 cent per kWh, wat neerkomt op circa 300 euro per jaar, vóór de kosten van de tussenpartij die de certificaten verhandelt. In de praktijk wordt de vergoeding vaak uitgekeerd via de leasemaatschappij of via een gespecialiseerde aanbieder die de administratie rond de certificaten regelt.
Waarom is dit nu relevant voor jouw wagenpark?
Veel werkgevers vergoeden de thuislaadkosten van een leaserijder op basis van de werkelijke stroomprijs, bijvoorbeeld 31 cent per kWh. Ontvangt die medewerker daarnaast ook een ERE-vergoeding van bijvoorbeeld 8 cent per kWh, dan betaal je als werkgever dat deel feitelijk twee keer: eenmaal via de volledige stroomvergoeding en eenmaal via de ERE-uitkering die de medewerker apart ontvangt. Op 3 augustus 2026 bevestigde de Kennisgroep Loonheffingen van de Belastingdienst dat de ERE-vergoeding zelf geen loon is, maar dat verandert niets aan het risico op deze dubbele vergoeding.
Dit soort details lijken klein, maar tellen op zodra je meerdere elektrische leaseauto’s in je wagenpark hebt. Juist nu de kosten van een wagenpark toch al onder druk staan, bijvoorbeeld door de pseudo-eindheffing van 12 procent die per 1 januari 2027 ingaat voor fossiele en hybride leaseauto’s, is het verstandig om ook de kleinere kostenposten rond laden goed te regelen. Grip op kosten per voertuig wordt daarmee net zo belangrijk als grip op brandstofkosten.
Hoe voorkom je dat je als werkgever dubbel vergoedt?
Er zijn in de praktijk twee manieren om dubbele vergoeding te voorkomen:
- Spreek vooraf een marktconforme energieprijs af met de medewerker. Doe je dat, dan blijft de ERE-vergoeding buiten de kostenberekening en loop je geen risico op dubbele vergoeding.
- Houd de ERE-vergoeding apart bij en trek die af van de stroomvergoeding die je uitkeert, zodat je per saldo niet meer vergoedt dan de werkelijke kosten.
Welke route het beste past, hangt af van hoe je nu al met je leasemaatschappij en laadpasaanbieder werkt. Vraag dit gericht na, want niet elke aanbieder verwerkt de ERE-vergoeding op dezelfde manier in de thuislaadafrekening.
Wat kun je nu al doen om dit goed te regelen?
- Vraag bij je leasemaatschappij of laadpasaanbieder na of en hoe de ERE-vergoeding wordt verwerkt in de thuislaadafrekening van je medewerkers.
- Leg vast welke stroomprijs je als werkgever vergoedt en controleer of die prijs al rekening houdt met een eventuele ERE-vergoeding.
- Gebruik een zakelijke laadpas die laadsessies per voertuig registreert, zodat je nooit op basis van losse bonnetjes of schattingen vergoedt.
- Breng laad-, brandstof- en onderhoudskosten per voertuig samen in je wagenparkbeheer, zodat kleine correcties zoals deze niet verloren gaan tussen losse facturen.
Met de TanQyou laadpas zie je per laadsessie en per kenteken precies wat er is geladen en tegen welk tarief, zowel thuis als onderweg. Breng je dat overzicht samen in de FleetManager, dan zie je in één oogopslag of de thuislaadvergoeding van een medewerker nog klopt met de werkelijke kosten, inclusief een eventuele ERE-vergoeding.
Bron: het volledige standpunt van de Kennisgroep Loonheffingen over de ERE-vergoeding bij thuisladen is te lezen via Taxence. Regelgeving verandert; raadpleeg voor je eigen situatie altijd de officiële bron of je adviseur.
Veelgestelde vragen
Wat zijn ERE-certificaten precies?
ERE-certificaten tonen aan dat er CO2-uitstoot is bespaard, bijvoorbeeld door het thuisladen van een elektrische auto in plaats van tanken. Bedrijven die fossiele brandstof verkopen, kopen deze certificaten om hun eigen CO2-verplichting te compenseren.
Is de ERE-vergoeding belast?
Nee. De Kennisgroep Loonheffingen van de Belastingdienst oordeelde op 3 augustus 2026 dat de ERE-vergoeding geen loon is in de zin van de Wet op de loonbelasting 1964.
Moet ik als werkgever iets regelen voor de ERE-vergoeding?
Je bent niet verplicht om iets te doen, maar het is wel verstandig om te checken of je de thuislaadkosten niet dubbel vergoedt wanneer een medewerker ook een ERE-vergoeding ontvangt.
Geldt dit ook voor plug-in hybrides?
De ERE-regeling is gekoppeld aan thuisgeladen elektrische kilometers, dus ook een plug-in hybride die thuis wordt opgeladen kan in aanmerking komen. Vraag dit na bij de aanbieder van de ERE-vergoeding, want voorwaarden kunnen per aanbieder verschillen.
Hoe hoog is de ERE-vergoeding gemiddeld?
Dat verschilt per situatie, omdat de prijs meebeweegt met vraag en aanbod. De Rijksoverheid rekent als voorbeeld met circa 300 euro per jaar bij 3.000 kWh thuisladen en een indicatieve prijs van 10 cent per kWh, vóór kosten van de tussenpartij.