EV-laadpalen bij een bedrijfspand: vergunningen, kosten en subsidies

EV-laadpalen bij een bedrijfspand plaatsen begint met een controle van de regelgeving, netaansluiting en toekomstige laadbehoefte. De uiteindelijke investering bestaat uit hardware, installatie, infrastructuur en beheer. In dit artikel lees je wanneer laadpunten verplicht zijn, hoe je controleert of een vergunning nodig is en welke SPRILA-subsidie in 2026 beschikbaar is.
TanQyou laadpaal bij huis

EV-laadpalen bij een bedrijfspand plaatsen vraagt om meer voorbereiding dan alleen het bestellen van een laadstation. Je moet bepalen hoeveel laadpunten nodig zijn, of de elektrische aansluiting voldoende capaciteit heeft en welke regels voor het pand en parkeerterrein gelden. Ook de aanvraagvolgorde van een subsidie kan bepalen of een deel van de investering wel of niet wordt vergoed.

Door eerst de locatie, laadbehoefte en technische mogelijkheden te onderzoeken, voorkom je dat je investeert in een installatie die niet kan uitbreiden of niet binnen de beschikbare netcapaciteit past.

Wanneer zijn EV-laadpalen bij een bedrijfspand verplicht?

De regels voor laadinfrastructuur bij gebouwen zijn op 29 mei 2026 aangescherpt. De verplichtingen hangen af van het soort gebouw, het aantal parkeerplaatsen en de vraag of het om bestaande bouw, nieuwbouw of een ingrijpende renovatie gaat.

Voor bestaande niet-woongebouwen met meer dan twintig parkeerplaatsen geldt momenteel dat er minimaal één laadpunt aanwezig moet zijn. Vanaf 1 januari 2027 worden de eisen verder aangescherpt. Dan moet er minimaal één laadpunt per tien parkeerplaatsen zijn, of moet voor minimaal de helft van de parkeerplaatsen leidinginfrastructuur worden aangelegd.

Voor nieuwe niet-woongebouwen en ingrijpende renovaties met meer dan vijf parkeerplaatsen gelden sinds 29 mei 2026 strengere eisen. Er moet minimaal één laadpunt per vijf parkeerplaatsen worden aangelegd. Bij kantoorgebouwen gaat het om minimaal één laadpunt per twee parkeerplaatsen. Daarnaast moet minimaal de helft van de parkeerplaatsen worden voorzien van voorbekabeling en moeten de overige plekken voorbereid worden met leidingdoorvoeren. Bekijk het actuele overzicht van de EPBD-regels voor laadinfrastructuur bij gebouwen.

Van een ingrijpende renovatie is sprake wanneer meer dan 25 procent van de gebouwschil wordt verbouwd. De laadverplichting geldt daarbij wanneer de renovatie ook betrekking heeft op het parkeerterrein, de parkeergarage of de elektrische infrastructuur. De exacte beoordeling blijft afhankelijk van de situatie.

Heb je een vergunning nodig voor zakelijke laadpalen?

Er bestaat geen algemeen antwoord dat voor ieder bedrijfspand geldt. Of je een vergunning moet aanvragen, een melding moet doen of informatie moet aanleveren, hangt af van de locatie en de werkzaamheden.

Controleer daarom vóór het geven van een definitieve opdracht de Vergunningcheck van het Omgevingsloket. Daarin wordt op basis van het adres en het gemeentelijke omgevingsplan aangegeven welke verplichtingen gelden.

Denk niet alleen aan de laadpaal zelf. Ook werkzaamheden aan het parkeerterrein, kabelroutes, een nieuwe verdeelkast of aanpassingen aan het gebouw kunnen invloed hebben op de uitkomst. Staat het laadpunt op gehuurd terrein, leg dan ook schriftelijk vast wie toestemming geeft voor de installatie en wie eigenaar wordt van de infrastructuur.

De vergunningcheck staat los van de technische eisen. Ook wanneer geen omgevingsvergunning nodig is, moet de elektrische installatie voldoen aan de toepasselijke regels. Oplaadpunten moeten onder andere voldoen aan de eisen uit NEN 1010. Dat geldt zowel voor verplichte als vrijwillig geplaatste laadpunten.

Wat kosten EV-laadpalen bij een bedrijfspand?

De totale kosten bestaan uit meer dan de aanschafprijs van de laadpaal. Voor een realistische begroting moet je rekening houden met:

  • het laadstation en het aantal aansluitingen;
  • montage en elektrische installatie;
  • bekabeling en graafwerk;
  • aanpassingen aan de meterkast;
  • fundering en aanrijdbeveiliging;
  • load balancing;
  • software, monitoring en facturatie;
  • internetverbinding en onderhoud;
  • een eventuele verzwaring van de netaansluiting.

Een zakelijk AC-laadstation kost indicatief ongeveer €1.200 tot €2.500. Bij een eenvoudige installatie dicht bij de meterkast kunnen de installatiekosten rond €500 beginnen. De uiteindelijke investering kan aanzienlijk hoger worden wanneer kabels over een grote afstand moeten worden aangelegd, bestrating moet worden opengebroken of de elektrische installatie moet worden aangepast.

Laat je daarom niet alleen leiden door de prijs van de hardware. Bij meerdere laadpunten vormen de onderliggende infrastructuur, netcapaciteit en het technisch beheer vaak een belangrijk deel van de totale investering.

Controleer eerst de netaansluiting

Meerdere elektrische voertuigen tegelijk opladen kan een groot deel van het beschikbare vermogen gebruiken. Controleer daarom het gecontracteerde vermogen en het huidige piekverbruik van het bedrijfspand.

Met load balancing wordt het beschikbare vermogen verdeeld over de laadpunten en het overige energieverbruik van het gebouw. Wanneer machines, verwarming of andere installaties veel stroom gebruiken, kan het laadvermogen tijdelijk worden verlaagd. Zo kan een bedrijf soms meerdere laadpunten gebruiken zonder de aansluiting direct te verzwaren.

Load balancing lost niet ieder capaciteitsprobleem op. Bij een grote laadbehoefte of een snel groeiend elektrisch wagenpark kan een zwaardere aansluiting, een flexibel energiecontract of lokale energieopslag nodig zijn. Lees meer over netcongestie bij zakelijke laadpalen.

Breng daarom niet alleen het huidige aantal elektrische voertuigen in kaart. Kijk ook naar leasecontracten, geplande vervangingen en de verwachte laadbehoefte over drie tot vijf jaar. Voorbekabeling en een schaalbare verdeelinrichting maken latere uitbreiding meestal eenvoudiger dan het parkeerterrein opnieuw openbreken.

Welke subsidie geldt voor zakelijke laadpalen in 2026?

Voor private laadinfrastructuur op een eigen of gehuurd bedrijfsterrein is in 2026 vooral de Subsidieregeling Private Laadinfrastructuur bij bedrijven relevant. Deze regeling staat bekend als SPRILA.

SPRILA 2026 is geopend van 20 januari 2026 om 09.00 uur tot en met 18 december 2026 om 12.00 uur. De regeling is bedoeld voor ondernemers die laadinfrastructuur plaatsen voor onder andere bedrijfsvoertuigen, medewerkers, klanten of huurders.

Voor een mkb-onderneming gelden in 2026 onder meer de volgende maximale subsidiebedragen:

  • €800 voor een AC-laadstation met één laadpunt vanaf 11 kW;
  • €1.600 voor een duopaal met twee laadpunten vanaf tweemaal 11 kW;
  • €1.760 voor een AC-laadstation vanaf 43 kW;
  • €3.900 voor een DC-laadstation vanaf 20 kW.

Voor grote ondernemingen gelden lagere bedragen. Een groot bedrijf ontvangt voor een AC-laadstation vanaf 11 kW maximaal €400. De subsidie mag bovendien maximaal 40 procent van de subsidiabele kosten bedragen voor een mkb-bedrijf en maximaal 20 procent voor een groot bedrijf.

Het totale subsidiebedrag moet per locatie minimaal €2.500 zijn. Daardoor komen projecten met slechts één of twee reguliere AC-laadstations meestal niet in aanmerking. Voor een mkb-bedrijf moeten de subsidiabele projectkosten minimaal €6.250 bedragen. Voor een grote onderneming is dat minimaal €12.500.

Let op het moment waarop je SPRILA aanvraagt

De aanvraagvolgorde verschilt op basis van de hoogte van het subsidiebedrag.

Blijft het berekende subsidiebedrag onder €25.000, dan laat je de installatie eerst uitvoeren. Daarna vraag je de subsidie aan. De aanvraag moet in hetzelfde kalenderjaar worden ingediend of uiterlijk binnen dertien weken nadat de werkzaamheden zijn afgerond.

Komt het subsidiebedrag boven €25.000 uit, dan moet je de aanvraag indienen voordat je een definitieve opdracht geeft. Een getekende offerte wordt door RVO als een gegeven opdracht beschouwd. Voor deze aanvraag gebruik je daarom een niet-ondertekende offerte.

Controleer de actuele voorwaarden van SPRILA altijd voordat je een offerte ondertekent. Een verkeerde volgorde kan betekenen dat investeringskosten niet voor subsidie in aanmerking komen.

Rekenvoorbeeld voor vier zakelijke laadpunten

Stel dat een mkb-bedrijf vier afzonderlijke AC-laadstations vanaf 11 kW laat plaatsen. De totale investering voor de laadstations, installatie, bekabeling en het graafwerk bedraagt in dit voorbeeld €14.000.

De maximale SPRILA-subsidie is dan:

4 laadstations × €800 = €3.200.

De netto-investering na subsidie bedraagt in dit voorbeeld:

€14.000 − €3.200 = €10.800.

Dit is uitsluitend een rekenvoorbeeld. De subsidie wordt begrensd door de werkelijke subsidiabele kosten en de staatssteunregels. Ook beheer, onderhoud, netwerkkosten en een eventuele netverzwaring moeten in de businesscase worden opgenomen.

Zijn MIA en Vamil nog beschikbaar voor laadpalen?

Reguliere laadpunten voor elektrische personenauto’s, bestelauto’s en zwaardere voertuigen staan in 2026 niet meer op de Milieulijst voor MIA en Vamil. RVO verwijst ondernemers voor deze laadinfrastructuur naar SPRILA.

De kleinschaligheidsinvesteringsaftrek kan mogelijk wel relevant zijn. In 2026 geldt de KIA bij een totaal aan kwalificerende investeringen tussen €2.901 en €398.236. Of de laadvoorziening en afzonderlijke kostenposten daadwerkelijk meetellen, moet je laten beoordelen door je boekhouder of fiscalist.

Beschouw fiscale aftrek niet als een gegarandeerde korting in je begroting. Bereken de businesscase eerst zonder fiscale voordelen en voeg deze pas toe wanneer is bevestigd dat de investering aan de voorwaarden voldoet.

Beheer en verrekening na de installatie

Na plaatsing moeten laadtransacties correct worden geregistreerd. Dat is nodig wanneer medewerkers, bezoekers of verschillende bedrijfsonderdelen dezelfde laadpunten gebruiken.

Met een backoffice kun je het verbruik per laadpas, medewerker of voertuig bekijken. Je kunt laadkosten verrekenen, tarieven beheren, rapportages exporteren en storingen monitoren. Een laadvoorziening zonder goed beheer kan technisch werken, maar alsnog zorgen voor handmatige administratie en onduidelijke kostenverdeling.

TanQyou verzorgt het traject van advies en installatie tot monitoring en facturatie. Via MyTanQyou worden laadtransacties en kosten inzichtelijk. Voor het beheer, de monitoring, facturatie en helpdesk rekent TanQyou momenteel €6,95 per maand per locatie. Een mobiele internetverbinding via simkaart is optioneel. Bekijk de mogelijkheden voor zakelijke laadpalen van TanQyou.

Conclusie

EV-laadpalen bij een bedrijfspand vragen om een combinatie van juridisch, technisch en financieel vooronderzoek. Controleer eerst de laadverplichting en het Omgevingsloket. Breng daarna de netcapaciteit, toekomstige laadbehoefte en volledige installatiekosten in kaart. Bereken vervolgens of SPRILA van toepassing is en bepaal vóór het ondertekenen van een offerte op welk moment de subsidie moet worden aangevraagd.

Vraag een technische schouw voor zakelijke laadpalen aan en laat de laadbehoefte, netaansluiting, installatiekosten en subsidiemogelijkheden van je bedrijfslocatie beoordelen.

Inhoudsopgave

Laadpas bestellen?

Zo werkt het

 

Stap 1: Registreer je gratis via ons myTanQyou-platform

Stap 2: Geef een betalingsmethode met incassomachtiging op

Stap 3: Bestel de laadpassen via de app ‘charge’ in jouw myTanQyou dashboard

Een smartphone die de laadapp laat zien en de laadpas

Heb jij de vernieuwde parkeerapp al?

TanQyou Park is vernieuwd! Een nieuw, strak design, verbeterde gebruikservaring en nog meer controle over jouw parkeeracties.